Diana Ross – All is well

Diana Ross heeft een nieuwe gedeeld van haar aankomende album ‘Thank You’. Het nummer ‘All is well’ is de derde single van de plaat, die verwacht wordt op 5 november. De ballad volgt op  de titelsong ‘Thank You’ en ‘If The World Just Danced’.  In een statement zegt La Ross over haar 25e (!) album: “This collection of songs is my gift to you with appreciation and love. I am eternally grateful that I had the opportunity to record this glorious music at this time. I dedicate this songbook of love to all of you, the listeners. As you hear my voice you hear my heart.” De Amerikaanse zangeres werd in de sixties bekend met The Supremes en startte daarna een zeer succesvolle solocarrière.

 

Bill Withers – Use me (Troetelschijf)

Op 25 november 1972 is ‘Use me’ van Bill Withers uitgeroepen tot de nieuwe Troetelschijf op Hilversum 3. Deze single schreef de zanger zelf en was te vinden op zijn tweede LP ‘Still Bill’. Op deze plaat stond ook het nummer ‘Lean on me’, dat gebaseerd was op zijn jeugdervaringen in Slab Fork. De akkoorden in het nummer lijken op de muziek die hij in de baptistenkerk hoorde.  De Amerikaanse soulzanger en componist begon zijn carrière bij de marine. Hij werd uitgezonden naar het Verre Oosten, waar hij begon te zingen. Na 12 jaar ging hij in 1967 weg bij de marine en verhuisde naar Los Angeles om een muziekcarrière te beginnen. Hij had hier een baan als toiletzetter in Boeing-vliegtuigen en maakte ondertussen ook demo’s. Aanvankelijk toonde niemand interesse, maar toen Clarence Avant van Sussex Records begin 1970 een demo hoorde, tekende Withers een contract bij deze platenmaatschappij.

Avant bracht Whiters in contact met Booker T van Stax Records, die Withers’ debuutalbum ‘Just as I am’ produceerde. Op dat album staan de hits ‘Ain’t No Sunshine’ (dat meteen een Grammy Award voor beste R&B song kreeg), ‘Grandma’s Hands’ (in 1996 gesampled door Blackstreet op hun hit No diggity) en ‘Harlem’. ‘Still Bill’ maakte Withers tijdens een break in 1972. ‘Use me’ bereikte geen notering in de Daverende Dertig. In Amerika bereikte de single de 2e plaats in de Billboard Hot 100 en werd bekroond met goud. O.a. Grace Jones maakte een cover van ‘Use me’.

 

Glenn Miller Orchestra – In the mood (Alarmschijf)

Op 22 juli 1972 ging de Alarmschijf van Radio Veronica naar ‘In the mood’ van Glenn Miller Orchestra.  Een heuse gouwe ouwe, want ‘In the Mood’ was ruim veertig jaar eerder gearrangeerd door Joe Garland en gebaseerd op een al bestaande melodie. Andy Razaf schreef een tekst bij deze melodie. Het nummer verscheen voor het eerst onder de titel ‘Tar Paper Stomp’, geschreven door trompettist Wingy Manone. Manone nam dit nummer in 1930 op en bracht het uit onder de naam Barbecue Joe and his Hot Dogs. 

De bekendste opname van het nummer is afkomstig van het orkest van Glenn Miller. Zij namen het nummer niet in 1972, maar al in 1939 op als single. In dat jaar had Garland namelijk ‘In the mood’ verkocht aan Glenn Miller. Een slimme zet . . . . Het nummer werd vele malen uitgebracht door verschillende artiesten. Ernie Fields en zijn orkest had er eind jaren vijftig een grote hit mee in Amerika. In 1983 kwam het nummer voor in ‘Stars on 45 Proudly Presents The Star Sisters’ van de Stars on 45 in samenwerking met The Star Sisters, dat een nummer 1-hit werd in Nederland. In 1989 werd het nummer prominent gebruikt door Jive Bunny & The Mastermixers als onderdeel van hun medley ‘Swing the Mood’, een nummer 1-hit in onder meer Engeland, Nederland en België. Glenn Miller scoorde met ‘In the mood’ in 1972 de 15e plaats in de Veronica Top Veertig.

 

The Trammps – Zing! Went the Strings of My Heart (Troetelschijf)

Op 11 november 1972 is ‘Zing Went the Strings of My Heart’ van The Trammps uitgeroepen tot de nieuwe Troetelschijf op Hilversum 3. Onvervalste soul van deze mannen uit Philadelphia, maar het nummer werd al in 1934 geschreven door ene James F. Hanley. Hij schreef het liedje voor de revue Thumbs up, dat in dat jaar werd opgevoerd. ‘Zing, went the strings of my heart’ werd al snel een erg populair nummer, dat door verschillende artiesten werd gecoverd. Zoals door Petula Clark, The Move, Judy Garland, P.J. Proby en The Communards. Maar de succesvolste cover werd gemaakt door The trammps. Al leek dat er in 1972 nog niet op, want hun eerste single ‘Zing, went the strings of my heart’ behaalde geen hit notering in de Daverende Dertig in 1972. Drie jaar later was het echter raak. 1975 was sowieso een sterk jaar voor The Trammps, want ook ‘Shout’ knalde toen de hitlijst in. Beide nummers behaalden de 5e plaats in de Daverende Dertig.

 

Aretha Franklin scoort hit met ‘Spanish Harlem’ (1971)

Op 16 oktober 1971 kwam ‘Spanish Harlem’ van Aretha Franklin binnen in de Veronica Top Veertig. De Amerikaanse gospel-, soul- en r&b-zangeres had al heel wat classics op haar naam gebracht. Aretha, die ontdekt werd door John Hammond, brak in Nederland door in 1967 met ‘Respect’. Een jaar later overtrof ze deze classic met ‘I say a little prayer’, dat een top drie hit werd in Nederland. ‘Spanish Harlem’ werd al in 1961 geschreven door Jerry Leiber en Phil Spector voor Ben E. King ( o.a.  ook bekend van ‘Stand By Me’). Aretha Franklin neemt het als cover op voor haar ‘Greatest Hits’ album. Naast vooral eigen nummers stonden er nog twee covers op: “You’re All I Need to Get By” en “Bridge over Troubled Water”. Aretha bereikte de 2e plaats in de Veronica Top Veertig met ‘Spanish Harlem’. Dat gold ook voor de Radio Noordzee Top 50, waar het nummer op 2 oktober werd uitgeroepen tot Treiterschijf.

 

The O’Jays – Back Stabbers (Troetelschijf)

Op 23 september 1972 ging de Troetelschijf van Hilversum 3 naar ‘Back stabbers’ van The O’Jays.  Deze soultrack is geschreven door Leon Huff, Gene McFadden en John Whitehead en geproduceerd door Huff en Kenny Gamble. Het is het eerste nummer dat de groep uitbracht bij het platenlabel Philadelphia International en was de titelsong van hun LP. Ook ‘Love train’ was te vinden op het album ‘Back stabbers’. De verteller in de titelsong waarschuwt mannen over hun mannelijke vrienden die naar hen lachen terwijl ze bij hen zijn, maar achter hun rug om stiekem plannen hebben om hun vrouw of vriendin af te pakken.

‘Back stabbers’ is geïnspireerd door “Smiling Faces Sometimes” van The Undisputed Truth uit 1971, dat een vergelijkbaar thema heeft. In Amerika was het nummer een doorslaand succes en behaalde de derde plaats in de Billboard Hot 100. Ook in Nederland, waar ‘Back stabbers’ de achtste plaats bereikte in de Daverende Dertig. In 1977 stond het op de soundtrack van de film Looking for Mr. Goodbar. In 1979 nam Tina Turner een cover op voor haar album Love Explosion. Deze versie werd uitgebracht op single, maar behaalde nergens de hitlijsten.

 

Tony Wilson (Hot Chocolate) viert zijn 74e verjaardag

Vandaag viert Tony Wilson zijn 74e verjaardag. Gefeliciteerd! De uit Trinidad afkomstige muzikant is vooral bekend als gitarist, songwriter en zanger van Hot Chocolate.  Wilson maakte echter het eerst deel uit van The Soul Brothers, die drie singles uitbracht. In 1968 trad Tony toe tot Hot Chocolate, al was de groepsnaam aanvankelijk The Hot Chocolate Band. net iets anders.  In 1969 maakten Erroll Brown en de band een reggae versie van het nummer “Give Peace a Chance”, het lied van John Lennon.

Omdat hij de tekst niet mocht veranderen zonder toestemming van Lennon zond Brown een kopie van de opname naar Lennon`s platenlabel, Apple. Het nummer werd met Lennon`s toestemming uitgegeven. De bandnaam The Hot Chocolate Band werd verzonnen door Apple-medewerkster Mavis Smith, dit werd echter al snel afgekort tot Hot Chocolate.

In de beginjaren was de sound van Hot Chocolate niet zo succesvol. Dat veranderde toen de disco doorbrak en vanaf 1974 scoorde de groep vele hits. “Emma” werd dat jaar een dikke top 10 hit. Tony schreef mee aan deze single. Dat gold ook voor ‘Love of life’, ‘Brother Louie’ en ‘You sexy thing’. Tony verliet de groep in 1975 omdat hij het niet eens was met de vercommercialisering van de sound die Errol Brown voorstond. Tony Wilson scoorde solo in 1977 één hit in de Nederlandse Top Veertig met ‘I like your style’. Dit nummer bereikte de 12e plaats in Nederland.

 

Roberta Flack – First Time Ever I Saw Your Face (Troetelschijf)

Op 15 juli 1972 ging de Troetelschijf van Hilversum 3 naar ‘The First Time Ever I Saw Your Face’ van Roberta Flack. Deze ballad werd geschreven door de Britse singer-songwriter Ewan MacColl in 1957.  Peggy Seeger, met wie Ewan later zou trouwen, bracht het liedje als eerste uit op de plaat. In 1969 werd het nummer gecoverd door de Amerikaanse zangeres Roberta Flack voor haar debuutalbum ‘First Take’. Roberta was een jaar eerder ontdekt door de jazzmuzikant Les McCann.

In 1971 kwam ze al met een paar covers van bekende hits in de Billboard Hot 100 die ze samen zong met Donny Hathaway, een oud-klasgenoot van haar. Haar grote doorbraak kwam een jaar later toen ze een Amerikaanse nummer 1-hit had met ‘The First Time Ever I Saw Your Face’. Dat nummer van haar LP ‘First take’  uit 1969,  werd drie jaar later pas populair, omdat het in de film Play Misty for Me van Clint Eastwood werd gebruikt. Het nummer leverde zelfs twee Grammy’s op. In Nederland bleef deze prachtige opname gelukkig niet onopgemerkt: Roberta behaalde er de 6e plaats mee in de Daverende Dertig.

 

Johnny Mathis viert zijn 86e verjaardag

Vandaag viert Johnny Mathis zijn 86e verjaardag. Gefeliciteerd! De Amerikaanse zanger tekende in 1957 zijn eerste platencontract bij het label Columbia Records. Hij begon zijn carrière met het uitbrengen van singles. Al in zijn eerste jaar sleepte hij in Amerika een nummer 1 hit binnen. Dat was met ‘Chances are’. Ook de opvolger ‘The twelfth of never’ werd top tien. Het zou echter tot 1978 duren, voor hij er eentje aan mocht toevoegen: ‘Too much, too little, too late’, met Deniece Williams. In Nederland werd dit ook zijn grootste hit: het nummer bereikte, met het predicaat Alarmschijf, de 3e plaats in de Nederlandse Top Veertig. Het levert hen een gouden plaat op.

Mathis werd als album artiest vooral populair. Voor tientallen van zijn platen sleepte hij een gouden of platina exemplaar binnen. Een uitschieter was bijvoorbeeld ‘Merry Christmas’ (1958), dat in Amerika vijf maal met platina werd bekroond.  Ook tegenwoordig publiceert Mathis regelmatig platen. In 2017 verscheen met ‘The Voice of Romance: The Columbia Original Album Collection’ een veelomvattende presentatie van zijn totale carrière. De 68 CD’s omvattende box bevat meerdere studio-albums, bovendien talrijke niet eerder gepubliceerde opnamen, waaronder het album ‘I Love my Lady’, een door Nile Rodgers geproduceerd disco-project, dat stilistisch aan Rodgers Chic-platen aanleunt

 

Trijntje Oosterhuis & Gregory Porter – Making Love

Voor haar nieuwe album ‘Everchanging Times – Burt Bacharach Songbook III’ trekt Trijntje Oosterhuis alle registers open. Ze werkte samen met het legendarische Metropole orkest, onder leiding van Vince Mendoza, en ook de hedendaagse jazzgrootheid Gregory Porter is erop te horen. Zo zingt ze met hem op de nieuwe single ‘Making Love’, wat in 1982 al eens door Roberta Flack werd uitgebracht. Het muzikale brein achter het album is de onvolprezen Burt Bacharach.

Voor Oosterhuis is dit de derde keer dat ze met hem aan materiaal werkte. De inmiddels 93-jarige componist was ook nu weer nauw betrokken bij de totstandkoming en schonk haar zelfs een aantal nooit eerder uitgebrachte composities van zijn hand. ‘Making Love’ is na ‘Everchanging Times’ de tweede single van het album, dat op 26 november uitkomt.

Naast deze nummers zijn er ook vele andere liedjes uit het rijkgevulde Bacharach songbook op het album te verwachten, waaronder ‘Always Something There To Remind Me’,  ‘Let Me Go To Him’ en ‘Make It Easy On Yourself’. De nieuwe single van Trijntje en Gregory wordt verwacht in de nieuwe editie van de TIP 40.

 
Translate »