IJsland heeft besloten niet deel te nemen aan het Eurovisie Songfestival van 2026 vanwege de controverse rond de toelating van Israël. Volgens omroep RÚV woog het publieke debat zwaar: deelname zou volgens hen geen “vreugde of vrede” brengen. Het land had al eerder gedreigd met een boycot, vooral nadat Israël tijdens het Songfestival van 2025 de meeste publiekspunten kreeg en tweede werd, mede dankzij een door de regering gefinancierde promotiecampagne die in strijd bleek met de regels.
Na intern beraad verklaarde directeur-generaal Stefan Eiriksson: “Uit het publieke debat in dit land en de reactie op de beslissing van de EBU van vorige week blijkt duidelijk dat er geen sprake zal zijn van vreugde of vrede met betrekking tot de deelname van RÚV.” De maatschappelijke weerstand is volgens de omroep te groot om deelname te verantwoorden.
IJsland sluit zich daarmee aan bij Spanje (een van de Big Five), Nederland (ook een grote betaler aan de EBU), Slovenië en Ierland. Bovendien zullen Ierland en Spanje het festival niet meer gaan uitzenden. Ondertussen roert ook Portugal zich. Elf deelnemende artiesten van Festival da Canção 2026 hebben in een gezamenlijke verklaring laten weten níét naar het Eurovisiesongfestival te zullen gaan als zij het Portugese nationale festival winnen. Zij protesteren tegen het besluit van de EBU om Israël – ondanks de oorlog in Gaza – opnieuw toe te laten, terwijl Rusland in 2022 wél werd geweerd na de inval in Oekraïne. Ook zijn ze teleurgesteld dat de Portugese omroep RTP vóór deelname van Israël stemde.
Volgens de artiesten maakt zwijgen “ons medeplichtig aan een tragedie” en willen zij duidelijk stelling nemen: ze verzetten zich met woorden, muziek en Portugese cultuur tegen mensenrechtenschendingen.
De EBU juicht ondertussen over de terugkeer van Moldavië, Roemenië en Bulgarije, maar deze landen kunnen het financiële gat niet compenseren. Morele argumenten lijken de EBU niet te raken — financiële mogelijk wel. Wordt vervolgd.
Copyright © 2025, Hitzound, All rights reserved
